Focus + Marketing

Zichtbaar zijn op straat als zzp'er

tags:  marketing  persoonlijke-ervaringen 

 Gastblogger Femke Dekker schrijft fantasy voor de jeugd
en geeft workshops over zelf je fantasywereld scheppen:

 

Net een nieuw bedrijf gestart, word ik opeens geconfronteerd met de marketeer in mij. Ik moet acquireren, mijn bedrijf bekendmaken, klanten binnenhalen. Dat gaat best aardig, moet ik bekennen. Niet dat ik al verzuip in de opdrachten, maar ik krijg positieve reacties en ik maak afspraken.

Toch is het als thuiswerkende zelfstandige niet makkelijk om je bedrijf op de kaart te zetten. Moeilijker dan wanneer je een bedrijfspand hebt. Een pand met je bedrijfsnaam erop in een (drukke) straat is al een reclamebord op zich. Iedere voorbijganger wordt eraan herinnerd dat jij daar met je bedrijf zit. Hoeveel mensen komen er door je straat? Zoveel kennen jouw naam, zonder dat je er moeite voor hoeft te doen.

Ik heb geen bedrijfspand, maar het beeld van die straat laat me niet los. Wat is het equivalent ervan? Waar krijg ik voorbijgangers die denken: Hee, hier zit een nieuw bedrijf!

Ik heb - natuurlijk - een website. Maar het internet is geen straat. Als je weet waar je wilt zijn - zussemezostraat nummer zoveel - dan ga je daar rechtstreeks naartoe, zonder onderweg ergens anders langs te komen. Er is geen onderweg.

Zelf ben ik natuurlijk wel eens onderweg. Meestal met de trein, maar er staat een auto voor de deur. Mijn bedrijfsnaam op de gezinsauto? Een bord voor het autoraam werkt niet. Het belemmert mijn zicht, dus het moet niet te groot zijn. Dat betekent dat het alleen leesbaar is als de auto stilstaat en iemand dichtbij langskomt, als ik stilsta voor het stoplicht of in de file. 

Dan zouden het plakletters op de zijkant moeten zijn. (“Kost dat?” vraagt de budgetbeheerder in mij.)

Dan die andere onderweg, in de trein. Nee, ik ga de trein niet beplakken met mijn bedrijfsnaam. Maar mezelf? Ik heb altijd wel een tas bij me. En in die tas zitten altijd wel een pen en een notitieblok. Afgezaagd? Niet origineel? Misschien. Maar, he, als iedereen het doet, zal het wel effectief zijn. Laat ik die pen en dat notitieblok achter bij bedrijven waar ik naartoe ga. Die bedrijven hebben ook weer klanten over de vloer. Zien mijn pen, schrijven er misschien zelfs mee. Maken een aantekening op het notitieblok en nemen het beschreven blaadje mee terug.
Een mooie weg zullen die pen en dat papier voor mij plaveien. Een weg waar heel wat mensen passeren!

(“Kost dat?” vraagt de budgetbeheerder weer. Die snoeren we maar even de mond.)

Alle gastblogs van Femke. Gratis!

geplaatst: 07-08-2008 @ 14.51
delen: plaats op LinkedInplaats op Facebook

 

Klanten bellen als de kinderen slapen

tags:  gastblog  marketing  persoonlijke-ervaringen 

 Gastblogger Femke Dekker schrijft fantasy voor de jeugd
en geeft workshops over zelf je fantasywereld scheppen:
:

Als zelfstandige zonder personeel met kinderen (zzpmk’er) met een bedrijf aan huis is het een kwestie van strategisch uitkienen voor me om contact op te nemen met klanten en opdrachtgevers. E-mail is het meest ideaal: een mailtje is zo getypt en het maakt niet uit hoe druk het om je heen is. 

Soms is het beter om te bellen. Om dingen even goed door te spreken, om ergens achteraan te gaan of omdat persoonlijk contact op dat moment de voorkeur heeft. Dat bellen is niet zo eenvoudig met kinderen om je heen die de leeftijd hebben van huilen, piepen, jammeren en roepen. Dat moet je strategisch uitkienen. Niet dat ik midden in de woonkamer tussen het grut zit te werken. Ik heb gewoon een eigen werkkamer. Op dezelfde verdieping als de slaapkamers van de kinderen en aan de tuinkant. Daarnaast verkeer ik in de riante positie dat mijn man thuis is als ik werk en andersom. Ik hoef me dan niet te bekommeren om schone luiers en middagslaapjes. Toch moet ik daar wel rekening mee houden als ik een klant wil bellen. Ik vind het namelijk erg onprofessioneel overkomen als er allerlei kindergeluid op de achtergrond klinkt. En dat klinkt er als er sprake is van luiers en middagslaapjes. Luidruchtig. Om maar te zwijgen van man en kind die nog even mama willen zien of iets te melden hebben. Zomaar ineens staan ze in je werkkamer. ‘Mama! Mama!’ klinkt het dan op de achtergrond, net als ik een belangrijke opdracht probeer binnen te slepen. Ai.

Vandaar dus dat strategisch uitkienen. Tussen de lunch en een uur of twee gaan de kinderen naar bed. Dan kan ik dus niet bellen. Meestal gaat dat goed. Dan doe ik het voor de lunch (en hoop ik dat degene die ik moet hebben niet net een afspraak buiten de deur of vrije dag heeft of even koffie aan het halen is) of nadat de kinderen naar bed zijn gegaan (en stil slapen).

Soms is het erg lastig. Bijvoorbeeld als ik om 13.00 uur een mailtje krijg waar ik direct op wil reageren. Of als ik net de telefoon pak op het moment dat schoonmoeder denkt even gezellig te kunnen kletsen. En als je dan eindelijk kunt bellen, blijkt degene die je wilt spreken nét de deur uit te zijn, voor de rest van de dag. Ergerlijk. Sterk stijgende frustratieniveaus. Gromgeluiden uit mijn keel.

Voorlopig, zolang we wonen zoals we wonen en ik thuis werk, is er niets aan te doen. Of ik moet me erbij neerleggen, of ik moet gewoon wel bellen als er om me heen gejammerd en gepiept wordt en er verhaaltjes worden voorgelezen.
Maar later, als ik groot ben en veel geld verdien, dan wonen we in een riante villa. Mijn werkkamer ligt dan aan de andere kant van het huis, grenzend aan een stuk tuin waar geen kinderen gillend rondrennen. Met een aparte telefoonlijn. Zodat ik in alle rust en op de momenten dat ik dat wil, iedereen kan bellen die gebeld moet worden. Zodat ik nog harder kan werken en nog meer geld verdien ...

Alle gastblogs van Femke.

geplaatst: 01-08-2008 @ 08.29
delen: plaats op LinkedInplaats op Facebook

 

Van het kastje naar de muur - ongelogen

tags:  gastblog  persoonlijke-ervaringen 

Lekker: als zelfstandige heb je relatief weinig last van bureaucratie. Toch? Nee dus. Het relativeringsvermogen van gastblogger Fréderike Geerdink werd de afgelopen tijd danig op de proef gesteld ...

"Ik ga voor het eerst belastingaangifte doen in Turkije. Daarvoor heb ik als laatste nodig: een ikametgah, dat is een bewijs dat je woont waar je zegt dat je woont. 
Af te halen bij de muftar, het wijkhoofd, de kleinste bestuurseenheid hier. Daar ging ik vorige week dus even naartoe.

* toen zei de muftar: ik geef geen ikametgah uit voor buitenlanders, daarvoor moet u bij het bevolkingsregister zijn

* en toen zei het bevolkingsregister: dat ziet de muftar echt fout, u moet echt bij de muftar zijn

* en toen zei de muftar: ik bel eens wat voor u rond. Daarna zei hij: je moet bij het bevolkingsregister zijn, maar éérst naar het stadsdeelkantoor

* en toen gaf het stadsdeelkantoor mij zonder zeuren een papiertje met twee stempels

* en toen zei de mevrouw bij het bevolkingsregister: er staat geen inwonersnummer van u op internet. Dat moet u wel hebben. Ga maar even naar
het Emniyet politiebureau

* en toen zeiden ze bij het Emniyet politiebureau dat ik op het Karakol politiebureau moest zijn

* en toen stopte een politie van de karakol me in een taxi en zei: deze taxichauffeur brengt u naar het juiste politiebureau

* en toen stond ik drie minuten later weer bij het Emniyet politiebureau

* en toen ging ik weer naar het bevolkingsregister en ik zei: ik weet het niet meer

* en toen zei ze: ik weet het al, je moet naar het buitenlanders politiebureau, in Aksaray - anderhalf uur reizen hier vandaan, weet je wel?

* en toen werd ik verdrietig, want dáár ben ik eerder geweest

* en toen ging ik eerst wat nachtjes slapen om me voor te bereiden op het buitenlanders politiebureau

* en toen ging ik vanmorgen op tijd de deur uit en was nog voor elven daar

* en toen zeiden ze: uw nummer staat op internet.

* en toen zei ik: nee, dat staat het niet, daarom ben ik hier

* en toen werd ik naar loket drie verwezen - 'verlenging verblijfsvergunning'

* en toen vroeg ik: klopt dat wel?, want daar kom ik niet voor

* en toen ze de meneer: het klopt, rustig wachten

* en toen stond ik daar in een benauwd halletje met een heleboel mensen tegelijk

* en toen was ik om kwart over drie aan de beurt - mijn broek was al vies want ik was maar op de grond gaan zitten wachten

* en toen zei de meneer: u hebt voor niets gewacht, ik geef die nummers niet uit, die staan op internet

* en toen zei ik: maar de mijne niet, daarom ben ik hier naartoe verwezen

* en toen zei de meneer: kom, we kijken op internet - waar mijn nummer niet op stond

* en toen zei de meneer: wanneer heb je je verblijfsvergunning gekregen?, en ik antwoordde: in mei

* en toen zei de meneer: oh maar het duurt drie tot zes maanden voor het nummer vanzelf op internet verschijnt, u hoeft daarvoor naar geen enkel
kantoor, maar het is wat druk in Ankara vandaar dat uw nummer nog niet online staat, dus u moet gewoon even geduld hebben

* en toen zei ik: oké joh, hartstikke bedankt, wat geeft het, mijn geduld is toch eindeloos, ik sta erom bekend ..."

Fréderike Geerdink is journalist in Istanbul, Turkije. 
Ze was eerder Zelfstandige van de Week
Na haar gastblog ga ik voorlopig niet meer klagen of zeuren over bureaucratie in Nederland.

geplaatst: 30-07-2008 @ 17.31
delen: plaats op LinkedInplaats op Facebook

 

Je werk doen in een komische bui

tags:  gastblog  persoonlijke-ervaringen 

Gastblogger Femke Dekker schrijft fantasy voor de jeugd
en geeft workshops over zelf je fantasywereld scheppen:

 

Enige tijd geleden las ik in het tijdschrift BOEK een interview met schrijfster Rachel Cusk over haar nieuwste boek. De titel (Het buitenleven) en het omslag spraken me aan, dus hij stond al op mijn lijst aan te schaffen boeken. Al lezend (het interview) werd me steeds duidelijker dat dit niet een boek is dat me gewoonlijk aanspreekt. Maar ik twijfelde nog: een interview kan vertekenen. Misschien heeft de interviewer niet de juiste vragen gesteld, of het zodanig opgeschreven dat de geïnterviewde niet goed uit de verf komt. Bovendien bleef die titel me intrigeren ...


Totdat ik de laatste alinea las. Op de laatste vraag (Wat maakt dit boek anders dan je overige werk?) antwoordde de schrijfster dat het veel grappiger is. Omdat ze het 'in een komische bui' heeft geschreven.
Een komische bui? Mijn blik dwaalt van die onmogelijke woorden naar de gegevens over het boek. '348 pagina's' staat achter de titel vermeld. Een komische bui? Voor zover ik weet, is een bui (of het nu gaat om regen of om een stemming) iets wat niet zo lang duurt. Een minuut, een kwartier, een uur. Laat het een halve dag zijn. Maar meer niet. Je moet wel heel snel kunnen schrijven wil je in een bui een roman van bijna vierhonderd pagina’s schrijven! Voor de zekerheid pak ik de
Dikke erbij, maar ik zit toch echt goed. Betekenis 1 is: korte periode van neerslag, betekenis 2 is: voorbijgaande stemming.

 

Het langste verhaal dat ik tot nu toe heb geschreven, zou in boekvorm zo’n tweehonderd pagina’s beslaan. ('Zou' want het is nog steeds niet uitgegeven, helaas.) Daar heb ik een half jaar over gedaan, toen was de eerste versie af. Daarna ben ik nog maandenlang bezig geweest met herschrijven: lezen, wijzigen, schrappen, herlezen, wijzigen, schrappen, herlezen ... Een boek van bijna vierhonderd pagina’s, daar zou ik dus ruim een jaar over doen.


Maar misschien werkt deze Rachel Cusk anders (sneller) dan ik. Of heeft ze zich steeds, voordat ze aan het werk ging, in een komische bui gebracht.

Ik zie het voor me: bij je ontbijt kijk je dvd’s van comedy’s of cabaret. Als je je tien minuten gek gelachen hebt, ga je met de tranen in je ogen achter je schrijftafel zitten, om zo veel mogelijk op te schrijven voordat je komische bui over is. Om daarna weer op te laden.
Zou het zo werken? Ik kan me er wel iets bij voorstellen. Soms moet je in een bepaalde stemming zijn om te kunnen schrijven - om dat bepaalde verhaal te kunnen schrijven. Misschien is het een leuk experiment, comedy’s kijken voordat je aan het werk gaat. Dat kan natuurlijk met iedere stemming die je nodig hebt. Naar vrolijke muziek luisteren om een vrolijk verhaal te schrijven, naar een dramatische film kijken voor een dramatisch verhaal, mysterieuze muziek luisteren of foto’s en illustraties bekijken voor een raadselachtig verhaal. (Geen boeken lezen, tenzij het iets heel anders is dan waar je aan werkt.)

Op zich lijkt het me wel grappig: een jaar lang in een komische bui verkeren. Maar of mijn omgeving er ook blij mee is? Ik denk dat het al snel zal omslaan in meligheid ...

Alle gastblogs van Femke.

geplaatst: 25-07-2008 @ 11.05
delen: plaats op LinkedInplaats op Facebook

 

Workshop: waar zijn de cursisten?

tags:  marketing  persoonlijke-ervaringen 

 Gastblogger Femke Dekker schrijft fantasy voor de jeugd
en geeft workshops over zelf je fantasywereld scheppen:

 

Als zzpmk’er (zelfstandige zonder personeel met kinderen) heb je een grote inkomensverantwoordelijkheid: er moet brood op de plank. Als alleenstaande zzp’er kun je nog weleens bij vrienden aankloppen voor een hapje eten - ze zien me aankomen, met mijn hele gezin. Zelf kan ik best een tijdje leven van een broodkorst, van mijn kinderen kan ik dat niet verlangen (al was het alleen maar omdat mijn tweejarige pertinent weigert zijn korstjes te eten).

Het liefst steek ik mijn energie in het schrijven van dat ene boek dat - als het af én uitgegeven is:

- binnen een week uitverkocht is;

- in vijf talen vertaald wordt;

- de Gouden Griffel wint (de Zilveren mag ook);

- verfilmd wordt door de regisseur van Harry Potter.

Maar dat is een project van lange adem en daar is geen tijd voor als de bodem van de spaarpot in zicht is.

Ik moest dus iets anders verzinnen om op korte termijn - heel ordinair - geld te verdienen.

 

Ik bedacht iets heel leuks: een workshop kinderboeken schrijven. Met dat idee liep ik al een hele tijd rond, nu werd ik min of meer voor het blok gezet om het ook te gaan doen. Waarom niet?

 

(Redenen te over: wie zit er te wachten op een lesje schrijven van ene FD? Wie ben ik om aan anderen te vertellen hoe ze moeten schrijven? En nog meer van dat soort argumenten.)

 

Ik veegde ze van tafel, want daar moest straks dat brood op. Tijd om me te concentreren op zaken van belang: 

* Hoe gaat de workshop (of cursus - kan iemand mij het verschil uitleggen?) eruitzien?

* Wat breng ik de (schrijvende) mens bij?

* Waar ga ik het doen?

* Wat moet het kosten?

* Wat moet het mij opleveren?

 

Het was me allemaal vrij snel helder. Nu nog de cursisten. Ik concentreerde me vooral op mensen die al schrijven en daar meer over willen weten. Dus zette ik de aankondiging van mijn workshop op een aantal schrijversfora op internet, stuurde een persbericht naar een schrijverswebsite, stuurde e-mails naar potentiële geïnteresseerden, vond nog wat websites waar ik mijn ei kwijtkon en wachtte op de tientallen aanmeldingen.

 

Het was stil.

Het bleef stil.

De uiterste inschrijfdatum passeerde.

Alles bleef bij het oude.

 

Ik heb echt een heel leuke workshop! (workshop - workshop - workshop) riep ik in de woestijn.

Ik schaamde me dood. Ik dacht: zie je wel?

Totdat vriendin M. zei: Wil je hier een blog over schrijven? Je bent niet de enige.

O ... dus het ligt niet aan mij? Al die potentiële klanten hebben niet mijn twijfel aangevoeld? Niemand dacht: Wie is in g-naam FD? Ze hadden massaal naar de stad O. willen afreizen? Niemand vond het te duur?

 

Als het dat allemaal niet is, wat dan wel? En aan wie moet ik dat vragen?

Zo langzaamaan ben ik dat gevoel van mislukking aan het overwinnen. Ik ga het over een tijd gewoon nóg een keer doen. Ik geef het niet op. Het is écht een leuke workshop!

Ik haal nog maar eens diep adem terwijl ik de laatste broodkruimels bij elkaar veeg: 'Ik kan het!'

 

Alle gastblogs van Femke. 

geplaatst: 18-07-2008 @ 08.07
delen: plaats op LinkedInplaats op Facebook

 
74 blogs | pagina  «  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  9  |  10  |  11  |  12  |  »
Agenda:
Actieprogramma Get Clients Now!™: vrijdag 1 juni
ZinVol is bezig met: