Focus + Marketing

Twitteren voor beginners

tags:  gastblog  marketing  publiciteit  sociale-media 

Gastblogger Erik de Vries  is zelfstandig copywriter, conceptmaker, communicatieadviseur en wordpress webbouwer:

De aanleiding: vragen in een van mijn online netwerken van een beginnende twitteraar. 'Twitteren, hoe moet dat? Hoe persoonlijk kun je worden? Hoe zakelijk moet je het houden?'

Ik ben zeker geen powertwitteraar. Er gaan hele dagen voorbij dat ik er niet naar omkijk. Maar in mijn circa tweejarige twitterervaring heb ik wel een paar dingen ontdekt die volgens mij niet of juist wel werken. Dus schreef ik als antwoord uit de losse pols een aantal do's en don'ts, waarvan Miranda vond dat ze wel een blogje waard waren. En daarom staan ze nu hier. Ik heb geen twittercursus gevolgd, dus 'Alle Angaben ohne Gewähr'.

DON'Ts

 

1. De klassieke marketingtweet
Dit werkt niet best op twitter. Als iemand steeds "Kom naar http://bladiebla.com voor scherpe toner aanbiedingen" twittert, heb je dat na 5x wel gezien en verwijder je dat vuiltje uit je tl (timeline), oftewel, ontvolgen die hap. Je vraagt je af waarom je er überhaupt ooit aan bent begonnen deze gast te volgen.

2. De egotweet
Voorbeelden: 'Ik heb zó lekker gewerkt vandaag aan deze enorm interessante klus voor Rabobank.' of 'Drie mensen vertelden me vandaag dat ze mijn boek geweldig vinden, ik ben er helemaal warm van vanbinnen.' of 'Zo. De rest van de middag heb ik ingepland om voor 12 mille facturen te schrijven. Lekker gedraaid deze week. Twexit.' Het zal allemaal best wel, maar ik word toch vrij snel iebel van dit soort ‘kijk mij eens’ tweets.

3. De privétweet
Dit is het beeld van twitter dat veel mensen hebben die zelf niet twitteren. Een volstrekt overbodige mededeling over een volstrekt triviale gebeurtenis. Voorbeeld: 'Ik ga nu even eten, tot straks volgers.' Tenzij dit bedoeld is als een subtiel soort humor, zou ik zeggen: je kunt ook kiezen om niet op dat verzendknopje te klikken.

4. De teiltjestweet
Voorbeeld: 'Ik word zo blij dat ik mee mag maken hoe ondernemers de overgang maken van hun oude manier van werken naar #mijnboektitel'. Nep-passie en verhulde egoreclame. Of heel goed opgelet bij de cursus personal branding. Bij mij roept dit de Mag ik even een teiltje? reactie op, maar dat kan natuurlijk aan mij liggen.

5. De diepzinnige quote tweet
Abonneer je op De Dagelijkse Gedachte, Inspiratiemail, Deepak Chopra's Quotes, Quote of the Day, The Daily Zen, en liefst allemaal. Dan kun je elke dag weer een paar interessante quotes je timeline in twitteren en sta je er zelf ook weer een beetje wijs, filosofisch of diepzinnig op. Ja doei.

6. De midden in de nacht tweetscheet
In programma's als Tweetdeck en Hootsuite kun je tweets schedulen, oftewel in het vooruit plannen. Ik ben nog wel eens laat wakker en zie dan wel eens een reutel van een stuk of 5 tweets voorbijkomen van dezelfde afzender. Met heel serieuze onderwerpen als ‘Interessant blogartikel!’ of ‘34 tips voor je LinkedIn-profiel’. Met wie denk je dan midden in de nacht in discussie te gaan? En denk je dat er iemand is die 's ochtend zijn timeline van de afgelopen nacht gaat teruglezen om te kijken welke interessante tweets hij heeft gemist?

7. De egoretweet
Iemand twittert iets aardigs / interessants over jou en - hup – je retweet het. Beetje op het randje en vaak erover. Sommige mensen verdenk ik ervan dat ze dit met elkaar organiseren, om elkaars pb-factor op te krikken. Misschien heb ik dit gemist omdat ik die gevorderdencursus personal branding niet heb gedaan.

Gelukkig kan er heel veel ook wél op twitter. En jij kunt natuurlijk met bovenstaand lijstje doen wat je wilt. Twitter is een zelfregulerend medium, met als grote, echt supergrote voordeel dat je zelf bepaalt wat je wilt lezen en schrijven. Doe je dingen waardoor opeens veel mensen je gaan ontvolgen, dan kun je daar lering uit trekken. Of niet. It's a free world. Yeah!

Twitter is dol op lijstjes. 7 Manieren om meer volgers te krijgen. De 20 beste plugins voor je Wordpress website. Vaak doe je wel een paar van je volgers een plezier met zo’n link. En er zijn meer manieren om je via twitter geliefd, of op z’n minst een beetje interessant, te maken. Wederom: zonder garantie!

DO's

 

1. De nichetweet
Wil je twitter inzetten om je bekendheid/acquisitie te ondersteunen, zorg dan dat ten minste een aardig deel van je tweets over zaken gaat die binnen jouw niche vallen. Word een beetje herkenbaar als vakman/vrouw en laat de wereld weten wat jouw specialiteit is. Dat moeten dus geen reclamekreetjes zijn, maar verder kan zo’n beetje alles. Als je copywriter bent kun je bijvoorbeeld twitteren over communicatie, beïnvloeding, verleiding en reclame.

2. De meningtweet
Laten zien wat jij vindt over iets, geeft jouw volgers een aanknopingspunt om daar iets van te vinden. Dat kan leiden tot een dialoogje. En dat is toch wel een van de leukste dingen van twitter, dat het wat interactief wordt. Reacties, mentions en retweets zijn per slot van rekening de dingen waar je als twitteraar blij van wordt.

3. De linktweet
Heb je iets grappigs, bespottelijks of belangwekkends gevonden op internet, dan kun je je volgers daar deelgenoot van maken. Het is natuurlijk helemaal mooi als dat ook te maken heeft met jouw professionele niche, maar pin jezelf daar niet op vast. Linkjes delen is een van de belangrijkste functies van twitter. Je krijgt van sommige tweeps die je volgt steevast goede links. Kanttekening: pas op voor neplinks, hoaxen en virussen. Ook twitter is door de cybercriminelen ontdekt als een lucratief werkterrein, juist doordat mensen zo gemakkelijk op linkjes klikken.

4. De geniale gedachtetweet
Heb je zelf een belangwekkende gedachte, dan kun je hem noteren in je opschrijfboekje om hem ooit nog eens in die roman te verwerken, maar je kunt hem ook meteen wereldkundig maken via twitter. Een originele gedachte is iets van jou, en ook al wordt er misschien niet meteen op gereageerd, je volgers leren je toch weer wat beter kennen.

5. De retweet
Als iemand anders iets twittert wat jij leuk, geniaal of belangwekkend vindt, dan kun je deze tweet retweeten. Dat heeft twee effecten. Ten eerste maak je jouw volgers hier deelgenoot van, waardoor jij ook weer een beetje interessanter wordt. Ten tweede geef je degene wiens/wier tweet jij retweet een blij momentje (oxitocine-injectie op afstand).

6. De mentiontweet
Hierbij noem je een andere twitteraar in jouw tweet, terwijl je een reactie geeft op zijn of haar tweet. Meestal vindt de ander dat fijn (aandacht, interactie). Je moet natuurlijk wel wat te melden hebben.

7. De vraagtweet
Heb je een vraag, stel hem op twitter. Niet elke soort vraag leent zich ervoor. Maar in veel gevallen is dit een snelle manier om aan antwoorden te komen. Vragen in je timeline zijn heel triggerend. De meeste mensen zijn geneigd hulp te bieden als iemand een vraag stelt. Wederom: interactie! Ga er trouwens niet van uit dat al je volgers continu hun timeline aan het monitoren zijn. Het is al mooi als 10% van je volgers je vraag zien. Is het echt belangrijk, dan mag je zo’n tweet best een paar keer herhalen. Tip: herhaal hem dan op verschillende tijden van de dag/avond en niet in één uur vijf keer achter elkaar.

Vorig blog van Erik de Vries:
Help, een klant! 

geplaatst: 07-03-2011 @ 15.55
delen: plaats op LinkedInplaats op Facebook

 

4 websites speciaal voor illustratoren

tags:  groei  marketing  netwerk  publiciteit 

De Kinderboekenweek is begonnen en heeft als thema: illustraties. Daarom een blog voor freelance illustratoren.

Een goede vriendin van mij is illustrator en klaagt - dus, natuurlijk, logischerwijs - altijd over het tekort aan plaatjes op mijn website en in mijn e-book.

Ik schrijf. Ik ben dus van de praatjes, niet de plaatjes. Of zoals een andere vriendin van mij dan zegt: ‘In een roman staan toch ook geen tekeningen?!’

Om haar en alle andere zelfstandige illustratoren die Nederland rijk is toch iets te kunnen bieden dat binnen mijn biotoop past, hieronder 4 websites die je beslist moet kennen als illustrator. Dat wil zeggen, websites die je helpen uiteindelijk je werk te verkopen. (Voor websitetips die je helpen een betere illustrator te worden verwijs ik je door naar mijn vriendin.)

1. Schrijver zoekt illustrator is een profielenwebsite van Femke Dekker. Zij wilde als jeugdboekenschrijver een illustrator van haar eigen keus als optie naar voren kunnen schuiven bij haar uitgeverij en vroeg zich af waar ze in één oogopslag die Nederlandse illustratoren zou kunnen vinden. Toen zo’n site nog niet bleek te bestaan richtte ze er zelf één op, voor jeugdboekenschrijvers die zoeken en illustratoren die gevonden willen worden.

2. Op Escape from illustration island vind je blogs vol marketing- en ondernemerstips speciaal voor illustratoren. Zoals: ‘3 vragen die je zou moeten stellen aan je klanten die een illustratie willen’ en ‘Welke van je illustraties zou je onmiddellijk uit je portfolio moeten verwijderen?’ Tip van vriendin en illustrator Calliope den Ouden.
Trouwens, ook een leuk artikel, maar dan weer van een site die zich niet specialiseert in illustratoren: ‘Tien dingen die ze je niet op de illustratoropleiding leren’.

3. Hoe breng je jouw werk onder de aandacht van een jeugdboekenredacteur bij een uitgeverij? Op Editorial Anonymous vertelt een anonieme kinderboekenredacteur je precies hoe het eraan toe gaat in haar wereld. Bij ‘Quick reference’ staat onder meer de blogcategorie ‘How to tell you’re never going to get published’.

4. Wat gebeurt er, wat kun je allemaal doen en zien op illustratiegebied in Nederland? Ooglijm houdt het voor je bij. Da’s een initiatief van de branchevereniging voor beeldmakers, BNO/illustratie. Kijk op de pagina Contact: je kunt een beeld of .gif-animatie insturen, dan plaatst de redactie die mogelijk met link naar je website onder aan een van hun webpagina’s. Behalve branchevereniging BNO kende je natuurlijk ook al Pictoright, de organisatie die opkomt voor je auteursrechten als illustrator.

Miranda Apeldoorn (ZinVol) coacht zelfstandigen
die meer focus en meer klanten willen

geplaatst: 06-10-2010 @ 09.07
delen: plaats op LinkedInplaats op Facebook

 

Wie boeken schrijft, heeft lezers als klant

tags:  acquisitie  marketing  publiciteit 

Gastblogger Femke Dekker schrijft fantasy voor de jeugd
en geeft workshops over zelf je fantasywereld scheppen:

Miranda's aankondiging per nieuwsbrief over het Get Clients Now!-programma maakte mij erg nieuwsgierig en enthousiast. Maar, zo vertelde ik haar, ik zou er niets aan hebben. Marketing richten op uitgeverijen is namelijk totaal zinloos.

Dom, dom, dom, dacht ik een paar dagen later. De uitgever is helemaal niet mijn klant! De uitgever is "slechts" een schakel die ik nodig heb om mijn klanten te bereiken. Die klanten zijn natuurlijk de lezers van mijn boeken.

Nu zul je misschien zeggen (en dat heb ik zelf ook gedacht): Ga je je (potentiële) lezers dan bestoken met marketingtactieken? Dat komt zo commercieel over ... Nu ben ik op het gebied van marketing en klanten bereiken een autodidact, maar wat ik de afgelopen tijd geleerd heb, is dit: Een klant (in wording) wil niet bestookt worden met berichten als: Jij moet mijn product kopen omdat ik dat wil. Hij wil geconfronteerd worden met mijn product op het moment dat hij daar behoefte aan heeft: Jij houdt van spannende boeken vol magie? Dan is dit echt iets voor jou.

Belangrijk is dus:
1. Dat je klant-in-wording weet wie je bent en wat je maakt of doet.
2. Dat hij weet waar hij moet zijn als hij jouw product nodig heeft.

Om weer terug te keren naar mijn specifieke situatie: voor een deel hiervan (beschikbaarheid van mijn product) ben ik afhankelijk van die tussenschakel, de uitgever. Maar voor een ander deel, het bereiken van mijn doelgroep, niet. Mijn website met informatie over mijn boeken en mijzelf, staat voor iedereen open. Ook op andere websites is informatie over mij te vinden. Een nieuwsbrief heb ik nog niet, maar die komt er wel. Bij een nieuwe publicatie verstuur ik persberichten die in ieder geval door de plaatselijke pers worden overgenomen, ik lees voor op scholen en bij een nieuw boek laat ik me graag uitnodigen door de (plaatselijke) boekwinkel. Op onze auto staat sinds kort mijn website vermeld en wat daar te vinden is (spannende kinderboeken) en ik onderteken mijn mails met waar ik mee bezig ben.

Als ik mijn (toekomstig) lezerspubliek zo weet te bereiken, ontstaat er vanzelf een wisselwerking. Een wisselwerking tussen aan de ene kant het publiek dat enthousiast geworden is over de boeken die ik schrijf en aan de andere kant de uitgever die ze dan ook graag wil uitgeven.

Dat ik er met de dingen die ik nu al doe nog niet ben, besef ik heel goed. Onderscheiden moet je je, en zoveel schrijvers bezoeken scholen, bibliotheken en hebben een eigen website. Veel meer dan pakweg twintig jaar geleden moet een schrijver zelf zijn publiek opzoeken. Het is al lang niet meer zo dat je, eenmaal onder de vleugels van een uitgever, lekker je boeken kunt schrijven en je verder nergens zorgen over hoeft te maken.

Dus misschien is Miranda's programma ook voor mij niet zo ongeschikt als ik dacht. Uiteindelijk ben ik toch maar iemand die ordinair een product wil verkopen - al is het dan een boek.

Andere blogs van Femke.

geplaatst: 26-04-2010 @ 11.22
delen: plaats op LinkedInplaats op Facebook

 

Hoe kom je als ondernemer met nieuws in de krant?

tags:  gastblog  marketing  publiciteit 

Gastblogger Enno de Witt is schrijver en journalist.
Hij vertelt welk nieuws een journalist leuk vindt en hoe je daar als ondernemer je voordeel mee kunt doen:

In de krant komen is makkelijk, zolang je maar een paar eenvoudige regels in het achterhoofd houdt. Basisbesef is dat de krant – en de nieuwswebsite – iedere dag weer vol moet. Zolang het flauwekulgehalte niet te groot is, en dat is het echt niet gauw, maak je een journalist alleen maar blij met een nieuwtje. Vooral wanneer je dat hapklaar opdient.

Als medewerker van een website over boeken vul ik vele van mijn dagen met het speuren naar nieuwswaardige ontwikkelingen in de branche. Een winkel die een nieuwe etalage heeft, dan wel een rond aantal jaren bestaat, voldoet op nieuwsluwe dagen ternauwernood aan de criteria, maar gelukkig zijn er altijd weer boekhandelaren die begrijpen dat ze mij moeten kietelen en dus iets leuks verzinnen.

Dat hun zaak op instorten staat bijvoorbeeld, wat een Lochemse boekhandelaar vorig jaar overkwam. De regionale pers en ook wij van de boekenwebsite raakten er niet over uitgeschreven. Eerst het nieuws zelf natuurlijk, en daarna over wie schuld had en wat er nou met die boeken moest gebeuren nu niemand het pand betreden mocht, en over hoe de boel werd gestut, de gevolgen voor de omzet, en toen ging hij ook nog naar een tijdelijk onderkomen en uiteindelijk, enkele tientallen artikelen verder, het afsluitende bericht over de goede afloop. Al blijven we alert, want in Lochem weet je het maar nooit.

Een ander mooi voorbeeld is de Dwarsligger, een boek dat je op zijn kant moet lezen. Bestaat al enige tijd, maar werd door een Nederlandse uitgever onlangs in de markt gezet als het antwoord op het e-boek. Slim, want de discussie over elektronische uitgaven loopt in het boekenvak en inmiddels ook daarbuiten hoog op, dus alles wat daarmee te maken heeft is bijna automatisch nieuws.

Aanhaken bij de actualiteit is altijd goed, en het kan ook nooit kwaad als je een bekende naam of grotere instelling koppelt aan je nieuwsfeit. Dat een zzp’er de Mexicaanse varkensgriep bestrijdt is geen nieuws, maar zogauw bijvoorbeeld het plaatselijke ziekenhuis een griepproject voor zzp’ers start wél. Alleen al vragen om zo’n project is meestal wel genoeg voor een stukje (‘Stervende zzp’er doet beroep op ziekenhuis’).

Het kan echt niet lullig genoeg. De Stentor berichtte hier in het dorp laatst over klagende medewerkers van een fietsenstalling. Klanten namen de bonnetjes tussen de lippen bij het openen van hun fietssloten en dat vonden de betrokken fietsenstallingbewaarders niet hygiënisch. Dat was voldoende voor een artikel met foto.

Leuke dingen met kinderen is ook makkelijk scoren. Een bevriende grafisch ontwerper maakte voor alle kinderen die de basisschool van zijn dochter verlieten een glossy. Dat werd in de lokale krant breed uitgemeten, met de naam van het bedrijf erbij. Het doel was een leuk afscheidscadeau, de spin off leverde gratis reclame op.

Vaak vergeten ondernemers die iets leuks doen om dat ook interessant te maken voor de pers. Dat hoeft geen heisessie te kosten, even opletten is al voldoende. Wie creatieve en onderscheidende producten maakt heeft altijd wel iets interessants te vertellen – waar een journalist dan weer heel blij mee is.

Soms is het tenslotte niet leuk om in de krant te staan. Er is wel degelijk zoiets als bad publicity. De ondernemer die door omstandigheden enkele weken zijn verplichtingen niet nakwam, en bovendien onbereikbaar was, haalde daarmee De Volkskrant. Daar plukt hij tot op heden de bittere vruchten van.

Alle gastblogs van Enno

geplaatst: 21-10-2009 @ 09.22
delen: plaats op LinkedInplaats op Facebook

 

Auteurswet hopeloos verouderd?

tags:  gastblog  publiciteit  recht 

Gastblogger Femke Dekker schrijft fantasy voor de jeugd en geeft workshops over zelf je fantasywereld scheppen:

Voor dit blog had ik een gastblog geschreven dat ik illustreerde met een gedicht. Dat blog is niet geplaatst, want ik had geen toestemming van de dichter om zijn tekst te gebruiken. Die toestemming kon ik ook niet vragen, omdat ik geen contactgegevens van de goede man kon vinden. Zonder het gedicht zag mijn blog er nogal onthoofd uit.

Dat toestemmingsverhaal vond ik eigenlijk vreemd; ik vermeldde keurig de naam van de dichter en deed niet of ik het zelf geschreven had. Het was alleen een aanleiding voor mijn blog.

Bij mezelf te rade gaand: als ik iets geschreven heb wat een ander aan het denken zet en als die ander zijn/haar hersenspinsels onder de aandacht van een publiek wil brengen, dan zou ik er geen enkele moeite mee hebben als een citaat van mij in dat schrijfsel terecht zou komen. Integendeel. Bovendien is het in de literatuur ook gebruikelijk om aan bronvermelding te doen - daar kijkt niemand van op. Denk maar niet dat de schrijver van het boek alle bronnen nagaat om toestemming te vragen. Dat zou te zot voor woorden zijn en bovendien: het citaatrecht is beschreven in de auteurswet.

Die auteurswet stamt uit 1912 en is dus hopeloos verouderd - is de algemene tendens in de discussies van de afgelopen, zeg, twintig jaar. Helemaal nu met het internet, moet die auteurswet eens grondig herzien worden, toch?

Maar waarom was er zo’n honderd jaar geleden opeens een auteurswet nodig? Er werden al eeuwenlang boeken, gedichten, artikelen en toneelstukken geschreven. Die ook, dat kan niet ontkend worden, naar hartelust gekopieerd dan wel geplagieerd werden. Was de auteurswet enkele eeuwen eerder al ingesteld, dan was Shakespeare nooit zo groot geworden, om maar iets te noemen.

De auteurswet kwam voort uit de Conventie van Bern (1886). Die conventie werd gehouden omdat men bang was dat het snel gedaan zou zijn met wetenschappelijke, literaire en kunstwerken als de makers daarvan veel inkomsten zouden missen door de ontwikkeling van druktechnieken, kopiëren en de komst van radio. Men dacht dat daardoor minder mensen de moeite zouden nemen zulke werken te creëren. Het werd dus vooral belangrijk gevonden dat kunstenaars en wetenschappers hun werk bleven doen en hun schrijfsels bleven publiceren.

Vertalen we dat naar de huidige tijd, dan zien we dat de auteurswet niet zozeer wordt aangegrepen als stimulans om mooie dingen te maken, maar vooral om met het vingertje te wijzen: Jij gebruikt mijn werk zonder dat ik daarvoor betaald krijg. Ja, hallo. Als we zo tekeer gaan, heeft het gebruik van de auteurswet en het auteursrecht dus precies het effect dat de bedenkers ervan in de basis wilden vermijden. Als namelijk iedere maker van een werk gaat roepen dat hij bij iedere door een ander gepubliceerde zin recht heeft op centen, zal het snel afgelopen zijn met publiceren, voortborduren op wat een ander begonnen is en uiteindelijk met de informatievoorziening.

Veel schrijvers, weet ik, schrijven (onder meer) omdat ze anderen aan het denken willen zetten. In de huidige tijd, met internet, worden veel van die gedachtes ook gepubliceerd. Wie blogt er niet, zullen we maar zeggen. Overal op internet verschijnen dan ook verwijzingen naar artikelen, stukken proza of poëzie, andere blogs en noem maar op. Dat mag ook. Dat is het citaatrecht. Je mag altijd een tekst van iemand citeren, bijvoorbeeld om daarop verder te associëren of je denkbeelden te onderbouwen, mits je de bron vermeldt.

Laten we dat ook vooral blijven doen. Laten we lekker bloggen, columns en artikelen schrijven, elkaar aan het denken zetten over de verschijnselen van deze wereld en terwijl we dat doen gul naar elkaar verwijzen. Laten we vooral niet in een kramp schieten als het over auteursrecht gaat en laten we niet iedereen overal toestemming voor moeten vragen, en al helemaal niet inclusief honorarium. Citeer, en geef je bron de eer. Informatievrijheid is ook een belangrijk goed, en om die reden staan er ook een aantal uitzonderingen in de bewuste auteurswet. Het beestje is dan wel oud, maar nog lang niet afgeschreven.

Overigens, als je iets publiceert en je wilt daarbij duidelijk maken dat het niet de bedoeling is dat iedereen in een kramp schiet als zij/hij iets wil met jouw publicatie, dan is er nog een andere mogelijkheid. Je kunt je werk laten registreren bij Creative Commons. Daarbij doe je geen afstand van je auteursrecht zoals dat vastgelegd is in de auteurswet, maar geef je wel aan dat anderen de vrijheid hebben om je werk te gebruiken. Op welke manier en hoever dat gaat, kun je zelf aangeven. Van ongewijzigd citeren met bronvermelding, tot naar eigen inzicht bewerken en er geld mee verdienen. Opdat we met zijn allen mooie dingen blijven maken, elkaar aan het denken zetten en gebruik blijven maken van de goede dingen van het internet.

Alle gastblogs van Femke.

geplaatst: 27-01-2009 @ 12.07
delen: plaats op LinkedInplaats op Facebook

 
6 blogs | pagina  1  |  2  |
Agenda:
Actieprogramma Get Clients Now!™: vrijdag 24 februari
ZinVol is bezig met: