Wanneer pluk je de vruchten van je inspanningen?

Succes. De meeste zelfstandigen willen het graag gisteren. Inclusief volle opdrachtenagenda en dito bankrekening.

Tegelijkertijd willen de meeste zelfstandigen graag betekenisvol zijn terwijl ze hun eigen ding doen. Iets moois maken. Kwaliteit leveren. Met iets vernieuwends komen. Of ze willen het domweg anders doen dan anderen, het anders aanpakken dan wat gangbaar of geaccepteerd is. 

Herken jij je hierin? 

In zulke gevallen begint succes, jouw succes, van binnen. Met weten wat jij wilt. In tegenstelling tot succes dat voortkomt uit weten wat 'de markt' wil - en dan precies dat aanbieden. 'U vraagt, wij draaien.'

Uiteindelijk moeten wat jij wilt en wat de markt wil, wél voldoende bij elkaar komen zodat je ervan kunt bestaan.

Maar ... begin je van binnen, dan kan succes wat langer op zich laten wachten dan wanneer je begint van buiten. En als dat een tijd duurt, dan kan dat je behoorlijk uit het lood slaan.

Je gaat enorm twijfelen. Doe je het goed? Komt er op een dag ook succes waar je van kunt eten? Wanneer pluk je de vruchten van je inspanningen?

Voor jou is het volgende voorbeeld.

Een van mijn meest geliefde films aller tijden is Blade Runner van regisseur Ridley Scott. Een prachtig verhaal met meerdere lagen over robots die menselijker zijn dan de mens zelf. Over alles, van decor tot dialoog, is goed nagedacht. De Nederlandse acteur Rutger Hauer doet erin mee.

In zijn autobiografie schrijft hij hoe slecht Blade Runner het deed toen die uitkwam.

Al na een paar weken verdween ze uit de bioscoop. Recensenten vonden de film niks.

De videorecorder was in die tijd (rond 1982) in opkomst. Mensen begonnen de film te huren. Eerst een stroompje, later een rivier aan mensen. De film dook in de loop der jaren op in de favorieten-aller-tijdenlijstjes van filmrecensenten. Blade Runner groeide uit tot een film die zijn stempel drukte op de filmgeschiedenis en die tal van filmmakers heeft beïnvloed en nog steeds beïnvloedt. Ridley Scott mocht nog vele films regisseren die hem leuk leken en die hits werden.

Uiteindelijk is de film sinds 1982 een doorlopende bron van inkomsten en inhoudelijke discussie geweest.

Een vriendin vertelde me van de week een verhaal dat leek op dat van Look who’s talking. Die film met John Travolta werd in 1989 een instant hit. Het verhaal is flinterdun, makkelijk te verteren en nergens aanstootgevend. Het leunt zwaar op de schattigheidsfactor van baby’s. De film bracht direct miljoenen dollars binnen en dus besloten de producenten de populariteit tot de laatste druppel uit te melken: ze brachten nog twee bijzonder slappe vervolgfilms uit. Niemand die nog uit z’n hoofd weet wie de regisseurs zijn. Geen filmrecensent heeft de films in zijn favorietenlijstje staan. Er is geen stempel gedrukt op de filmgeschiedenis. Iedereen die eraan meewerkte had heel even het rode-lopergevoel. Daarna was het weer keihard werken en ’s avonds de wc poetsen voor de meesten.

Soms denk ik dat we met z’n allen duimen dat we een instant hit worden. Whop! Look who’s talking over here! In één klap onze agenda’s en bankrekeningen gevuld.

Stiekem hoop ik echter dat we allemaal een Blade Runner in ons hebben.