Ommezwaai van schrijver naar fotograaf

Gastblogger Esther van Berk was tekstschrijver, maar gooide haar zelfstandigenbestaan om, en werd fotograaf/videograaf. Hoe?

Tekstschrijver was ik van huis uit. Eerst in loondienst, daarna als zelfstandig ondernemer. Een jaar of wat geleden in dat vak gerold en het met veel plezier gedaan. Kijkjes in de keuken bij grote en minder grote bedrijven, onderwerpen uitdiepen waar je anders zelden mee te maken krijgt, en veel – en vooral heel verschillende – mensen ontmoeten. Dat vond ik heerlijk aan m’n vak.

Alleen het schrijven zelf … Dat ging eigenlijk steeds meer tegen staan. Eerst was het nog een sport de teksten mijn signatuur mee te geven. Kort, strak en heel helder een boodschap overbrengen. Maar hoe langer de teksten werden, hoe moeilijker die opgave werd. En hoe meer de lol er voor mij af ging. Bijscholen deed ik wel af en toe, maar niet uit vol enthousiasme. Tijdschriften over taal en aanverwante vakliteratuur bleven ongelezen.

Nu waren er een paar nare gebeurtenissen gepasseerd waardoor ik lang heb gedacht dat ik gewoon niet topfit was. Als ik nou eenmaal maar weer eens goed in mijn vel zou steken, dan zou ik mijn oude werkdiscipline wel weer terug krijgen, en dan kwam de lol ook wel weer, zo dacht ik. Mijn coach hielp me uit die droom. 'Als jij over je werk en je bedrijf praat, dan hoor ik voldoening over het krijgen van nieuwe opdrachten, het plezier dat je hebt in gesprekken met mensen. Maar niets over het schrijfproces en het eindresultaat. Dat wat je werk eigenlijk is, het schrijven van echt goede teksten, daar heb ik je nooit eens opgetogen over horen vertellen.' En dat was waar. We praatten door over wat me raakte, waar ik blij van werd.

Sinds enige tijd was ik fanatiek aan het fotograferen geslagen, en had ik me eigenlijk al snel ontwikkeld van het maken van ’kiekjes’ naar goede foto’s. Daar kreeg ik ook steeds meer reacties op van familie, vrienden en bekenden. 'Joh, jij maakt zulke mooie foto’s, daar moet je wat mee doen.' Makkelijker gezegd dan gedaan natuurlijk, vooral omdat het aan zelfvertrouwen ontbrak. Er zijn al zo onnoemelijk veel fotografen, wat zou ik dan nog kunnen toevoegen? Wie zou mij dan nodig hebben en opdrachten geven? En juist fotografen klagen de laatste jaren enorm over de ‘vervuiling van de markt’ door welwillende – en goed fotograferende – amateurs die voor een schijntje doen waar een professionele fotograaf veel meer voor moet vragen wil hij ’t hoofd boven water kunnen houden. En mijn grootste bezwaar: ik heb helemaal geen opleiding. Mijn coach was hier helder over: laat de markt het maar bepalen. Als mensen of bedrijven geld willen betalen voor je foto’s, zijn ze goed genoeg en is er een markt voor. De volgende vraag was: hoe benader je die markt?

Ik ben klein begonnen. Heb mijn zakelijke relaties voor de kerstdagen fotokaarten gestuurd die per bedrijf toegespitst waren op hun bedrijfsactiviteit. Daar kreeg ik leuke reacties op, en het leidde zelfs tot m’n eerste foto-opdracht; productfoto’s voor een bedrijfsbrochure. Ook foto’s die ik als cadeau gaf aan een communicatiemanager die van werkgever veranderde leverden een (grote!) opdracht op. En zo ging het balletje rollen. Groot voordeel was dat ik als fotograaf dezelfde markt wilde bedienen die ik ook als tekstschrijver had. Geen consumenten maar bedrijven en organisaties. Die markt ken ik, ik voel me er goed bij en ik weet wat er verlangd wordt en hoe het ongeveer werkt. Gesprekken met vakgenoten hielpen bij een heleboel praktische zaken (reken ik een uurtarief of een tarief per foto, hoe regelen fotografen het hergebruik, hoe ziet een goede workflow eruit zodat ik veel efficiënter kan werken). Direct aansluiten bij een branchevereniging hielp ook enorm. Via gerichte cursussen en workshops kan ik mijn vakkennis vergroten, ik leer veel van hoe andere fotografen werken en hun zaken aanpakken, en er is een eerste opdracht voortgekomen uit contact met een collega-fotograaf.

Inmiddels schrijf ik geen teksten meer. Dit voorjaar besloot ik uitsluitend fotografie-opdrachten aan te nemen, en mijn agenda loopt langzamerhand vol. Elke keer als ik een gesprek heb met mijn coach kom ik met opgetogen verhalen over hoe geweldig het is betaald te worden voor dat wat je ’t liefste doet. Langzamerhand nemen de twijfels af over de behoefte van de markt en mijn kunnen als fotograaf. Ik ben dolblij met mijn overstap. Mijn coach ook. 'Jouw mooiste foto hangt bij mij,' zei ze laatst. Een treinstation in de ochtendnevel, oranje gekleurd door de opkomende zon. Een symbolisch cadeau, omdat zij me op het goede spoor zette.